Column; Natuurwetgeving

Onduidelijke kaart doet Nbw-vergunning sneuvelen

Door: Martin van den Hoorn, adviseur ecologie bij Regelink Ecologie & Landschap

Zorgvuldigheid is het thema bij de toetsing aan de Natuurbeschermingswet 1998. Onlangs heeft, ondanks een gedegen beoordeling, de Raad van State een vergunning vernietigd omdat het geleverde kaartmateriaal te onduidelijk was en hiermee de nodige onzekerheid werd geïntroduceerd.

Wat speelde er?
Gedeputeerde Staten Noord-Holland hadden een vergunning afgegeven voor het wijzigen en aanleggen van een mountainbikeroute (MTB-route) van 24 kilometer in het Natura2000-gebied Schoorlse Duinen. Netto zou er ongeveer 1,5 kilometer extra route worden aangelegd. De Stichting Natuurbelang Amsterdamse Waterleidingduinen ging tegen de verleende vergunning in beroep.

Beroepsgronden
De Stichting betoogde dat GS onvoldoende hadden onderbouwd dat de wijziging en aanleg van de MTB-route geen significante gevolgen had, dat de Verstorings- en verslechteringstoets niet afdoende was en dat dus een Passende Beoordeling was vereist. De argumenten:

  1. er was geen gebruik gemaakt van actuele gegevens ten aanzien van de ligging van kwalificerende habitattypen;
  2. er waren wel degelijk effecten op habitattypen, ook waar de MTB-route niet door deze habitattypen liep;
  3. de MTB-route stond uitbreidingsdoelstellingen in de weg;
  4. de verleende vergunning bevatte onjuistheden ten aanzien van verloop, breedte en lengte van de MTB-route;
  5. er was onvoldoende rekening gehouden met de doelstellingen van het in het Natura 2000-gebied gelegen in voormalig beschermd natuurmonument Schoorlse duinen.

De beoordeling
Ten aanzien van de punten 1, 2, 3 en 5 concludeerde de Raad van State (Afdeling Bestuursrecht) dat de uitgevoerde toetsingen afdoende onderbouwd waren en dat de argumenten dus niet steekhoudend waren. Dit gold echter niet voor punt 4.

Bij de aanvraag van de vergunning was een kaart gevoegd met de route. Deze route was vergund voor de lengte en ligging van de route op die kaart. Deze kaart was echter op een zeer kleine schaal afgedrukt. De dikte van de lijn gaf een marge aan waarbinnen de exacte ligging van de route kon variëren. GS stelden dat dit bewust was gedaan om flexibel om te kunnen gaan met in de nabijheid gelegen natuurwaarden. Bij de vergunningverlening was een marge aangehouden in het exacte verloop van de route binnen een breedte van 7 meter, uitgaande van de hartlijn van het pad.

Volgens de Raad van State kon echter noch uit de kaart, noch uit de voorschriften van de vergunning worden afgeleid dat deze marge 7 meter uit de hartlijn was. Tevens bleek ter zitting dat de route zo nodig ook breder kan worden dan de 80 centimeter waarvan in de beoordeling van de Nbw-vergunning was uitgegaan. De gevolgen hiervan waren niet onderzocht en ook was er geen toegestane afwijking van de breedte vastgelegd in de Nbw-vergunning.

Het oordeel
Omdat uit de gebruikte habitattypenkaart bleek dat de vergunde MTB-route op diverse plaatsen zeer dichtbij of zelfs door arealen van habitattypen liep, kon niet worden uitgesloten dat de MTB-route delen van deze arealen zou aantasten. GS dienden dan ook opnieuw een afweging te maken waarbij de initiatiefnemer mogelijk alsnog een passende beoordeling op diende te stellen.

De Raad van State oordeelde dat het besluit tot verlenen van de Nbw-vergunning niet met de vereiste zorgvuldigheid was voorbereid en vernietigde het besluit.

Bron:
http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2016:864

Door: Martin van den Hoorn, Regelink Ecologie & Landschap

Martin van den Hoorn is werkzaam als adviseur ecologie bij Regelink Ecologie & Landschap en eigenaar van CENW l Contra-expertise Natuurwetgeving. Vanuit deze functies heeft hij dagelijks te maken met wet- en regelgeving rond natuur. In deze rubriek wordt telkens een actueel onderwerp behandeld.


Eén reactie op “Column; Natuurwetgeving

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *